Category Archives: Geschiedenis

6. De kwart eeuw volgemaakt

Na het Singelfestival van 1999 werd een nieuw bestuur geformeerd: Wijnand Visser, Pieter Leek, Saskia Glas, Roline Peters, Peter Sloots, Bianca Vos, Michiel van der Drift en Floor Hovenkamp. Beeldbepalende bestuurders in de jaren daarna waren voorts José Vlak, Sylvia Vlak, Karin Dokman, Maarten Ebbers, Piet Slegt, Lara Carbaat en Nina de Graaf.

‘Just Passing Thru’ van Teatro Pachuco met de fenomenale clown Rudi Galindo

Het vierde lustrum werd gevierd met onder meer Krang, Arid, The Beatbusters en The Bomba Brothers. De theatertour met Knans & Knees en Poppentheater Lejo oogstte opnieuw niets dan lof. Dit jaar bevond de geheime locatie zich achter de meest intrigerende deur van Edam, namelijk die in het tunneltje onder de N247. Een ander onbetwist hoogtepunt was de familievoorstelling ‘Griezelen’ van Beppe Costa en het Filmorkest Max Tak. Met een wonderschone combinatie van filmische effecten, prachtige muziek en schitterend theater werd het publiek bijna anderhalf uur geboeid. Het gezelschap werd terecht beloond met een minutenlange staande ovatie.

In 2001 werkte het Singelfestival mee aan drie benefietacties voor de slachtoffers van de Nieuwjaarsbrand, waaronder de optredens van Krezip en Youp van ’t Hek in de Opperdam. In datzelfde jaar verscheen het gebouw van Berend Botje op het terrein. Om het voortbestaan van het festival op deze locatie te waarborgen werden de aanwezige bomen, struiken en lichtmasten verwijderd. De Markies maakte eenmalig plaats voor de minder sfeervolle Kathedraal. Op vrijdag kwamen Shirlee Sunflower, Stuurbaard Bakkebaard en DAAU, op zaterdagmiddag De Muzen, Orikadabra en Circus Caprioli en op zaterdagavond wijlen L’ex Maes, Scott the Magician en Yinka. Voor het vrijwilligersfeest in Nohol werd Javier Guzman gecontracteerd.

In 2002 trok de vrijdagavond meer bezoekers dan de zaterdagavond. Het was dan ook een ijzersterke line-up. Niet alleen de publiekstrekkers Kasper van Kooten en Beef voldeden volledig aan de verwachtingen, ook My Clueless Friend, Kopna Kopna, Stenzel en Kivits en DJ Maestro waren zonder uitzondering goed. Op de kindermiddag sloeg de gestuiterde karikatuurtekenaar Frank Los opdringerige kinderen en vrijwilligers van zich af met een handtasje, gaven Fred & Fred Star opnieuw een puike circusvoorstelling weg en brachten Niels, Maarten en Piet met hun daverende kinderdisco kinderen én ouders in extase. Over de zaterdagavond, en met name over de campshow van Ome Cor’s Show Duo, liepen de meningen echter sterk uiteen. Een deel van de toeschouwers zorgde voor de gewenste publieksparticipatie, een ander deel zocht teleurgesteld de uitgang op.

Het 23e Singelfestival wordt algemeen gezien als een van de beste ooit, dankzij bands als Das Pop, OLaBOLA, Silkstone en Relax, DJ Real el Canario en theatermakers als Leon van der Zanden, Mr. Spin, Marty LeGray en Pete Hoopal. De kindermiddag met onder meer Paulo & Mayka en Theatergroep Hilaria trok voor het eerst meer dan 1.000 betalende bezoekers.

In het seizoen 2003-2004 kreeg het bestuur te maken met een veelheid van problemen. Er werden bezwaarschriften verzonden tegen naheffingen precariobelasting, tegen de voorgenomen aanleg van omheinde sportveldjes op het terrein, tegen de afwijzende subsidiebeschikking van de provincie en tegen de verstrekte evenementenvergunning. Veel tijd ging verloren aan hoorzittingen, inspraak en tientallen

brieven aan de gemeente. Het 24e Singelfestival met Micha Wertheim, Alamo Race Track, Travoltas, Tasha’s World, Teatro Pachuca, de Houthakkersroadshow, Neveneffecten, Lupo, Puppets Etc., One in a Million en Zuco 103 werd ondanks uitstekende bezoekersaantallen het meest verliesgevende ooit.

Er was één lichtpuntje. In het kader van het Actieplan Cultuurbereik kreeg het festival de kans een eigen theaterproductie te realiseren: ‘Op hoop van zegen’ van het Roesttheater onder regie van Hans Keijzer. De voorstellingen vonden plaats in de loodsen van het hoogheemraadschap op het Oorgat, waar de bezoekers per koeboot naar toe werden gevaren. De voorstelling, waarin Singelfestivalbestuurder Maarten Ebbers meespeelde, was avond na avond uitverkocht en trok in totaal 800 bezoekers. Ook in 2005 en 2006 produceerde het festival locatietheatervoorstellingen van het Roesttheater: ‘Driekoningen, of wat u wilt’ (1.100 bezoekers) en ‘Vrek’ (1.400 bezoekers).

Dat het 25e Singelfestival doorgang kon vinden was louter en alleen te danken aan een gift van het VSB Fonds Beemster en diverse sponsors. Het vijfde lustrum ligt nog vers in het geheugen. Het was een ontspannen feest met mooie optredens van onder meer Teatrino dei Piedi, Gem, Fraser Hooper, The Meteors, Lejo, Dansen Tot Je Moe Band, Wouter Deprez en Clarke McFarlane. Maar de grootste publiekstrekker was natuurlijk Racoon. Op zaterdagavond werden 800 kaarten verkocht en er moesten nog eens 300 belangstellenden worden teleurgesteld.

‘Just Passing Thru’ van Teatro Pachuco met de fenomenale clown Rudi Galindo

Deze teksten verschenen eerder in De Stadskrant.

 

5. Op naar (de) 2000

Na het festival van 1994 werden de banden met Bosvolk en Nohol verbroken. Het bestuur onder leiding van de nieuwe voorzitter Sipke Douna besloot theater een prominentere plaats binnen het programma te geven en hiervoor een tweede tent te huren. In 1995 verschenen voor het eerst de karakteristieke rood-witte tenten van De Markies op het terrein. Ook werd het aantal acts fors uitgebreid en verscheen als bijlage bij de Stadskrant voor het eerst een festivalkrant, die volledig werd gefinancierd door 16 adverteerders. Tot de hoogtepunten van het derde lustrum behoorden de optredens van Wurre Wurre (als twee vogels op stok), Slagerij van Kampen, Theater Terra, Daniel Rovaï, The Handsome Harry Company, Dolly Bellefleur en The Prodigal Sons. Ook vond dit jaar de eerste theatertour plaats, een hilarische busrit met theater T&G. Mart Leek stelde belangeloos een dubbeldekker ter beschikking en speelde zelf de rol van de beschonken chauffeur Arie. Als onderdeel van de tour verzorgden De Hartediefjes een lingerieparty in de woning van slipconsulente Jans Tilanus.

Nooit zag het terrein er mooier uit dan in 1999

Het geslaagde jubileum zette de toon voor de jaren die volgden. Dankzij een gift van het VSB Fonds Beemster en steun van de provincie kon het programmabudget enigszins worden verruimd. In 1996 kwamen onder meer De Bloeiende Maagden, Moonflower, Bobarino Gravittini, Corpus, de Zwoelie Troelies, La Vie En Rose, Hendrick-Jan de Stuntman en Jammah Tammah, en maakte Edam kennis met Dennis Burke and his Soul Survivors. De goedlachse zanger, die al in 1977 de hitladders had bestegen met ‘January, February, March’ van The Dutch Rhythm Steel & Show Band, was in één klap wereldberoemd in heel Edam. Een ander onbetwist hoogtepunt was de theatertourvoorstelling ‘De dooie hoek’ van Kroost (Servaes Nelissen en Carola Arons) in het fort.

In 1997 werd voor het eerst de grens van 2.000 bezoekers overschreden. Dit was vooral te danken aan een verdubbeling van het aantal bezoekers op de middag die volledig op het conto van Maartje Sloots en Lissy Lutz mag worden geschreven. Zij hadden in de week voorafgaand aan het festival de Edamse basisscholen op hun kop gezet om belangstelling voor het festival te kweken, hetgeen resulteerde in een enorme opkomst. De kinderen werden op de Dam onthaald door de koninklijke familie uit het toneelstuk ‘Fats en Boem’, dat Toneelvereniging d’Ye later die middag zou spelen. De koning (Lex Bos) en de koningin (Elly van Montfort) maakten bekend dat kandidaten voor de hand van hun dochter Prinses Dafne (Maartje) zich konden aanmelden voor een sportieve wedkamp. Vervolgens ging het in optocht naar het festivalterrein, waar optredens volgden van Hakim, d’Ye, Toer of Doetjes en Skinning the Cat. De volwassenen konden genieten van onder meer De Vliegende Panters, Caesar, Arie & Silvester, 4 Tuoze Matroze, The Bob Color en Max Pashm.

Nieuw succes volgde toen een jaar later twee substantiële sponsors werden gevonden. De Dwergen maakten plaats voor de Balkontent. De notulen meldden: “Het ziet er naar uit dat er op het festival opvallend veel zangeressen zullen komen. Als oorzaak hiervoor wordt de nieuwe woordvoerder van de programmacommissie genoemd: Peter Sloots.” Kirsten, Nilsson en Groove the Princess maakten de verwachtingen meer dan waar, maar dat gold evenzeer voor Martijn Oosterhuis, Drippin’ Honey, Buff & Sonar, Theater Gnaffel, Afslag Edam, Theatergroep Hilaria, Sanne Wallis de Vries, de Dopegezinde Gemeente, Bedlam Oz, Is Ook Schitterend! en Aksident. De theatertour voerde dit jaar naar Volendam, waar de bus van Mart Leek het ‘begaf’. Gelukkig stond iets verderop de ecologische loopbus van Gezelschap Ronald van Rillaer klaar.

In 1999 werd de programmacommissie, die bestond uit Frank van den Berg, Peter Sloots en Wijnand Visser, uitgebreid met drie dames: Floor Hovenkamp, José Vlak en Bianca Vos. Nieuw op het festival was de antieke zweefmolen van Fair Fun. Joop van Drunen betaalde aan het begin van de vrijdagavond honderd piek en was er vervolgens twee dagen lang niet meer uit weg te slaan.

Op vrijdag kwamen onder meer Mary’s Flavour, Grof Geschut, Handsome 3some en Head Mix Collective. Op zaterdagmiddag maakten de ‘Blurp’ van Circustheater Vladimir en Theater Maatwerk veel indruk. Deelnemers aan de theatertour gingen met de Theatergroep Zonder Olga op de Beestenmarkt op zoek naar de uitgestorven gewaande bombardeerkever. Op zaterdagavond ging de meeste waardering uit naar Rooyackers, Kamps & Kamps, Nakupelle en Johnny Melville. Het hoogtepunt van het festival was de legendarische solo ‘The Rock Mime’, waarin Melville in zijn eentje alle leden van een rockband speelde. Het in de regel zo nuchtere Edamse publiek beloonde hem terecht met een staande ovatie.

 

4. Erop of eronder

In 1991 werd de duur van het festival tot opluchting veel vrijwilligers teruggebracht naar twee dagen. De spiegeltent met zijn beperkte capaciteit maakte plaats voor een wat grotere circustent. Maar de belangrijkste wijziging was dat het elfde festival eenmalig plaatsvond in juni. In september 1991 zou namelijk het nieuwe Noholgebouw feestelijk worden geopend en het Singelfestivalbestuur wilde de Nohol niet voor de voeten lopen. Ondanks regen werd het festival goed bezocht, onder meer dankzij Roots Syndicate, The Pilgrims, de metershoge “Vriendelijke reus” van Theater Popject, de Keniaanse formatie Simba Wanyika en The Jack of Hearts.

Zoekplaatje: VandeVen en VanBommel tussen de vrijwilligers

Ook het Singelfestival van 1992 was een succes. Het mooie weer en het sterke programma met onder meer Foolville, Spo Dee O Dee, Gotcha!, het Speeltheater Holland, Mario van Erp, Fred & Fred Star, Hallo Venray, Loes Luca en Cor Witjes, Les Charmeurs en Mr. Jones maakten dat Ronald Mooijer tevreden kon terugkijken op zijn laatste festival als voorzitter.

Ronald werd opgevolgd door Luc van den Berg. Het bestuur bestond in 1993 verder uit secretaris Ireen Warnik, penningmeester René Uitentuis, voorzitter programmacommissie Kees Garms, Teun Beets, Frank van den Berg, Marijke Bond, Sipke Douna, Rob Lammertse, Brigitte Lang, Pieter Leek, Joost Molenaar en Roline Peters.

Het 13e Singelfestival werd een financiële strop. De vrijdagavond met Mark Foggo, Burma Shave en .nuClarity was de slechtstbezochte ooit. Dit lag niet aan de kwaliteit van het programma, maar aan het slechte weer en de gevolgen van de oorlog op de Balkan. Door een bombardement in de buurt van Zagreb was de wedstrijd Hajduk Split-Ajax uitgerekend verplaatst naar de openingsdag van het Singelfestival. Het gevolg was dat de grote feesttent tot ongeveer half elf bijna leeg bleef. De goedbezochte zaterdag, met Gebakken Eieren, ‘Het levende schilderij’ van Theater Schrikkel, ‘The Half Human Video Show’ van Matthew Pullum en muziek van de Bintangs, Moondogs (met Kees Prins) en Captain Gumbo kon dit niet meer goedmaken.

“Na het vorig jaar helaas financieel moeizaam verlopen festival is het ditmaal min of meer d’r op of d’r onder”, schreef Luc van den Berg in het draaiboek van 1994. “Een door de jaren heen opgebouwd kapitaaltje is door een slecht bezochte vrijdag in één klap weggevaagd. Daarom zal iedereen moeten beseffen dat we dit festival alles op alles moeten zetten om ons hoofd boven water te houden.”

Het eigen vermogen van het festival was geslonken tot slechts ƒ 3.687,47. Het organiseren van de 14e editie was feitelijk onverantwoord en penningmeester René Uitentuis eiste van bestuur en coördinatoren dan ook een strakke budgetdiscipline. De leuke ideeën die de programmacommissie op andere festivals had opgedaan werden noodgedwongen geparkeerd. Voor een aparte theatertent of een theatertour was simpelweg (nog) geen geld. Het was ook daarom dat oude succesnummers als Barrelhouse en Sjako! werden teruggehaald.

Deze keuze wierp zijn vruchten af. Al meteen bij de aanvang van het evenement, op vrijdagavond, mocht het festival zich verheugen in een grote belangstelling. Het affiche vermeldde de namen van The Catfish Bluesband (met Kees Nor), S.O. Jazz (met Benjamin Herman), adembenemend stuntwerk van The Flying Dutchmen en het nog altijd razend populaire Barrelhouse. Op zaterdagmiddag maakte Edam voor de eerste keer kennis met Clemens VandeVen en Sjoerd VanBommel, die met zijn tweeën klonken als een complete band. De Stadskrant: “Nog nooit twee man op zo’n overtuigende wijze muziek zien maken: een openbaring!” NNC: “Terwijl zij feitelijk als opwarmertje moesten dienen voor de ‘grote namen’, draaiden ze de rollen gewoon om. Het publiek reageerde aangenaam verrast op dit onbekende superpaar.” ’s Avonds volgden Sjako!, The Uncles en de achtkoppige soulband Back to Basic. Sjoerd VanBommel had het publiek al gewaarschuwd: “Back to Basic is een goeie band. Let vooral even op die geweldige drummer!” Die drummer was niemand minder dan… hijzelf!

Het festival trok, verdeeld over drie dagdelen, meer dan 1.600 bezoekers en bracht het eigen vermogen weer terug op een aanvaardbaar niveau. Waterlands grootste festival kon zich op gaan maken voor zijn derde lustrum.

 

3. Wel even iets anders

In het seizoen 1987-1988 gingen zowel het festival als het bestuur volledig op de schop. Van de elf bestuursleden die het Singelfestival in 1987 telde traden er maar liefst zeven af: Jac. de Geus, Ron Oly, Rolf Meijers, Theo Dudock, Peter Mulder, Marjan van Wees en Wil van Wees. Het nieuwe bestuur bestond uit Ronald Mooijer, Lisette Ooms, Marijke Bond, Brigitte Lang, Gerro Roskam, Wim Bak, Joost Molenaar, Ina Beets, Luc van den Berg en Willem van de Nes.

De Stembent in de Spiegeltent

Luc van den Berg en Kees Plugboer stelden voor de opzet van het festival grondig te wijzigen en te kiezen voor een driedaags festival, dat zich zou moeten afspelen in een authentieke spiegeltent met een capaciteit van maximaal 500 personen. Het festival zou zich niet langer alleen moeten richten op de doelgroepen van Bosvolk en Nohol, maar op de gehele bevolking van Edam-Volendam, en het programma zou zich niet langer moeten concentreren op ‘grote namen’, maar op acts die geschikt waren voor deze sfeervolle entourage. Aldus werd besloten.

De spiegeltent waarvoor gekozen werd was de Danssalon Moulin Rouge. Deze Belgische tent uit 1920 verkeerde nog in de originele staat. Dat wil zeggen: een uit houten elementen opgebouwde tent met een dak van zeildoek. Daarin veel spiegels, een dansvloer, een podium, dertien nissen met houten tafels en banken, een bar en een groot aantal rond de dansvloer opgestelde houten klaptafeltjes en –stoeltjes. De nostalgie droop er vanaf. Dat was wel even iets anders dan zo’n rechthoekige zeilen schuur.

De eerste vrijdag in de spiegeltent bracht meteen al een van de onbetwiste hoogtepunten van een kwart eeuw Singelfestival: het optreden van La Pat. Jos Uitentuis schreef in de NNC: “De show, die zich leek af te spelen in de jaren dertig, deed enigszins decadent aan en in de ambiance van de nostalgische spiegeltent kwam het Frans- en Duitstalige repertoire bijzonder goed tot zijn recht. Een klasseoptreden, dat vol overgave en met veel expressie werd gebracht.”

Op zaterdag en zondag kwamen onder meer Cees Brandt, het Nationaal Trottoir Gezelschap (waaruit later Vis à Vis zou ontstaan), Tango Cuatro (met Carel Kraayenhof), Tom Lanoye, Jump! Dicky! Jump! (met Arthur Ebeling) en The Bob Color. Ook was er een gratis toegankelijk ‘Edams Blok’ met een gezamenlijk optreden van Zang Edam en Mannenkoor Excelsior en een toneelstuk van de Bosvolkleiding.

In 1989 kwamen onder meer Jules Deelder, Reflud (lees: Dulfer), Martin Mens, Lex Maes, Joia (met Fernando Lameirinhas) en Gebakken Eieren (thans Theatergroep Hilaria). Het ‘Edamse Blok’ bevatte optredens van de Stembent i.o., de Kaasdragerskapel en een solovoorstelling van Hans Keijzer. Kamagurka en Herr Seele kregen het publiek plat met hun ‘meesterlijke meligheid’. Hoofdrollen waren weggelegd voor een patiënt die Van Patiënten heette, Dokter Zhivago die voor het hooggeëerd publiek zijn eigen handen tegelijkertijd transplanteerde en Cowboy Henk die verliefd was, maar zelf nog niet wist op wie. Eveneens zeer succesvol was het optreden van Het Groot Niet Te Vermijden Dans/Show Orkest, met een glansrol voor zanger Louis Kockelmann als stomdronken zwerver.

Het tweede lustrum werd gevierd met optredens van onder meer Jan Vos & Etna Vesuvia (Clous van Mechelen en Neel), Weekend at Waikiki (met drummer Tom ‘Junkie XL’ Holkenborg), de schitterende kindervoorstelling ‘Grisha, een reiger verdwaalt’ van V.V. Producties, The Peabody Brothers, Sjako! en Rowwen Hèze. Het ‘Edamse Blok’ bracht het Volendamse koor Belcanto, De Hartediefjes, het Bosvolktoneel en de band Blue Wood. Maar de grootste publiekstrekker was De Dijk. Reeds om half één ’s middags hing het bordje ‘Uitverkocht’ op de kassa en enkele honderden bezoekers moesten worden teleurgesteld. De populaire band, met oud-Edammer Dirk Beets in de gelederen, wist het publiek reeds bij de eerste tonen te veranderen in één deinende massa.

Het festival van 1990 ging gepaard met de nodige stress. Niet alleen omdat de Nohol was gesloopt om plaats te maken voor een nieuw gebouw en omdat De Dijk toch een maatje te groot bleek voor de spiegeltent, maar vooral omdat het driedaagse evenement voor veel vrijwilligers een (te) zware belasting bleek. Het was opnieuw tijd om de opzet te wijzigen.

 

2. Het geheim van het Singelfestival

Op 2 augustus 1982 werd de Stichting Singelfestival in het leven geroepen. In de jaren die volgden bewees het festival zijn bestaansrecht. Het bezoekersaantal liep gestaag op tot 1.400. Het Singelfestival was daarmee het grootste festival van Waterland. In 1985 schreef het Nieuwsblad Oost-Waterland: “Ondanks herhaalde pogingen om elders in Waterland een soortgelijk festival van de grond te krijgen, is dat nog nergens gelukt. Het geheim van het Singelfestival is, volgens de organisatoren, dat er een redelijke balans is tussen de totale groep van mensen, die aan het festival meewerken. Er is evenwicht tussen mensen met wilde ideeën en mensen die met beide voeten op de grond blijven staan.”

De Bendeband, het meest a-muzikale gezelschap dat Edam ooit geteisterd heeft

De programmeurs van het festival bleken een goede neus te hebben voor talent. In de jaren 1982-1986 kwamen onder meer Fay Lovsky, Jan Rot, het in Edam mateloos populaire Barrelhouse, Harry “Een goeie Drent piest buuten” Muskee, The Nits, De Gigantjes, Funky Stuff (met Candy Dulfer), I’ve Got the Bullets en De Dijk. Maar ook lokaal talent kreeg de ruimte. Dit waren veelal bands die waren opgevallen op het jaarlijkse Paaspop in de Nohol, zoals de Turbo-band, Ten Numbers, Kaas, Movemeant, Tied Up en Kees Dusink.

Het theater was bepaald geen ondergeschoven kindje. Voor de volwassenen werd vooral gezocht naar foolstheater. The Malcolms, Dr. Hot & Neon, Pigeon Drop, Les Funambules en Ray Graham lieten volle tenten schateren. Voor de kinderen kwamen onder meer het Speeltheater, Lijn Negen (met Johanna ter Steege), Cees Brandt, Carrousel (met René van ’t Hof), Circus Custers en Hakim. Heel veel succes had de voorstelling “Kweetniet” van Kaktus, met Peter-Jan Rens en Tony Maples. “Meneer Kaktus was vóór zijn televisiedebuut allang bij ons geweest”, vertelde Pieter Leek jaren later aan een huis-aan-huisblad. “Die act is ons altijd bijgebleven. Meneer Kaktus, toen al in zijn blauwe pyjama, ging in bad. Aangezien je niet met je kleren aan in bad gaat, kleedde hij zich dus midden op het podium uit. Net toen hij daar mee klaar was, stapte burgemeester Pouw binnen. Je had die man eens moeten zien kijken…”

De notulen van de evaluatievergadering van 1986 beginnen met de volgende zin: “Iedereen is van mening dat het een heel goed – zo niet het beste – festival was.” Dat werd breed zo gevoeld: het festival trok een recordaantal bezoekers en de recensie in de NNC was eveneens juichend. De krant betitelde de theaterprogrammering als ‘het beste van het beste’. “De keuze in kindertheater was dit jaar perfect, want zowel de voorstelling van Cees Brandt als die van de Broertjes Groothof was uiterst vindingrijk en komisch. Bij het theater voor volwassenen maakte vooral de Dogtroep indruk met een nachtelijke voorstelling, doorspekt met vuur en vlammen.”

Het jaar daarop keken bestuur en coördinatoren met aanzienlijk minder voldoening terug. Het middagprogramma, met onder meer Theatergroep Spekkies, Tim Jones, Bob & Bert, Limited Company (met Mark Kingsford) en Romantic Hearts (met Jos doet-ie-’t-of-doet-ie-’t-niet van Santen), was prima, maar ’s avonds ging het mis. Het hoogtepunt van het avondprogramma was het optreden van het weergaloze Belgische clownsduo Les Funambules, maar die brachten hetzelfde programma waarmee ze twee jaar eerder ook al te bewonderen waren geweest. De koorddanser Circo Vanzelf oogstte aanmerkelijk minder waardering en datzelfde gold voor de afsluiter, het Rubén Salas Orquestra. Het publiek reageerde lauw op de weinig spetterende latin-ballroommuziek, die mede door onenigheid binnen de band maar niet uit de verf wilde komen. Toen de disco na afloop ook nog eens bleek te bestaan uit kermisbandjes van de Prinsenbar keerde menige bezoeker dan ook met een kater huiswaarts. Uit de notulen van de evaluatievergadering spreekt teleurstelling: het bezoekersaantal viel tegen en er waren veel klachten binnengekomen over de prijs/kwaliteitverhouding. Het was tijd om een nieuwe weg in te slaan.

 

1. Een sprong in het diepe

Aan de wieg van het Singelfestival stonden Bosvok en Nohol. Vertegenwoordigers van de jeugdvereniging en het jongerencentrum zaten sinds 1979 met enige regelmaat om de tafel, maar het ellenlange vergaderen over beroepskrachten, subsidies en welzijnsnota’s leverde concreet nog maar weinig op. Op een gegeven moment rijpte het plan om gezamenlijk een culturele dag te organiseren, die de bevolking zou moeten wijzen op hetgeen beide instellingen te bieden hadden en anderzijds bedoeld was om de banden tussen de vrijwilligers van beide organisaties aan te halen. Voor Nohol speelde voorts mee dat het jongerencentrum een slechte naam had. Veel oudere Edammers, die er nog nooit een voet over de drempel hadden gezet, zagen Nohol als een stuffhol waar je niet met goed fatsoen je kinderen naar toe stuurde. “En dat deed pijn”, zegt de toenmalige voorzitter Wil Janssen, “want er gebeurde namelijk heel veel goeds. Nohol was een van de best lopende jongerencentra in de wijde omgeving. De culturele dag was bedoeld om dat positieve te benadrukken. We wilden Nohol uit het verdomhoekje halen, we wilden laten zien dat jongeren in staat waren iets goeds te organiseren.”

Het draaiboek wordt doorgenomen met de vrijwilligers

Het draaiboek wordt doorgenomen met de vrijwilligers

In 1980 lukte het nog niet, omdat het college van B&W zich niet garant wilde stellen voor een eventueel verlies. In 1981 kregen de instellingen opnieuw nul op het rekest (het zou nog jaren duren voordat de gemeente genegen was het festival te subsidiëren), maar mede dankzij de bemoeienis van Kees Plugboer van wat toen het Serviceburo heette kon het festival profiteren van nieuw provinciaal subsidiebeleid. Het licht kon op groen.

Er werd een speciaal ‘festivalbestuur’ geformeerd. Dit ‘bestuur’ (feitelijk een werkgroep, ressorterend onder de besturen van Nohol en Bosvolk) werd gevormd door Jac. de Geus, Ron Oly, Gerro Roskam, Dorus Luijckx, Wil van Wees, Paula de Boer en Wil Janssen. Andere mensen die dit jaar meerdere vergaderingen bijwoonden waren Jack Berkhout, Siem Berkhout, Frits de Boer, Theo Dudock, Hans Keijzer, Carla Klepper, Jannie Kolijn, Anneke Molenaar, Puck Slegt, Siem Kees Slegt en Wil Spanjer. Het huidige bestuur weet zich gesteund door een aantal zeer ervaren coördinatoren en kan dus bogen op een grote mate van routine. Maar het eerste festival was voor iedereen een sprong in het diepe. Want hoe organiseer je een festival? Wat komt daar allemaal bij kijken? Men verdiepte zich in tenten, vloeren en podia, elektriciteit en water, verzekeringen en vergunningen en wat dies meer zij. Er werden werkgroepen in het leven geroepen voor de tent en de elektra, de financiën, het programma (met aparte werkgroepen voor film en muziekdraaien), de publiciteit, de voedingsdienst, de ordedienst, de bardienst, de toegangskaartcontrole, de centrale kassa en het schoonmaken. Voor al deze taken werden meer dan honderd vrijwilligers geworven, vooral uit de Bosvolk- en Noholgelederen.

Het eerste Singelfestival vond plaats op 12 september 1981. Het programma vermeldde de namen van Kier, Swami Singh, De Meeëters (de latere Naaldhakken, met onder meer Léon Tol en Jacqueline Koning), Tineke van der Leij Ballet, Concrete en Son of Tarzan, Slinks, The Broads, The Dutchies (met onder meer Rik Hoogendoorn en Marlies Helder), Werk in Uitvoering, Doe Maar, Vitesse en een dj- collectief onder leiding van Willem Janssen. De grote vraag was natuurlijk of die namen aansprekend genoeg zouden zijn. Dat was inderdaad het geval. Er werden 659 bezoekers geturfd en het festival, dat iets meer dan ƒ 30.000,– kostte, werd afgesloten met een bescheiden batig saldo. De uitstekende sfeer en de vlekkeloze samenwerking tussen de Bosvolk- en Noholvrijwilligers vormden de kroon op deze dag. Alleen het weer werkte niet mee. Jack Berkhout en Dorus Luijckx schreven in het boekje ‘Singelfestival 1980-1993 – Geschiedenis van een Edams evenement’: “Wat ons vooral is bijgebleven is de eindeloze regen die tijdens het programma neerkletterde. Een vrachtauto zat daardoor twee uur vast in de modder en dus liep het programma uit en dus liep de spanning op en dus kwam alles prima voor elkaar…

En dat Doe Maar in het voorprogramma zat van Vitesse zou een jaar later ondenkbaar zijn geweest.”